
Verleden week bezocht ik weer eens een muzikaal en literair podium van het alternatieve circuit. Kleinschalig, in het ruim van een voormalig binnenschip dat tot restaurant is verbouwd. Op zulke locaties voel ik mij thuis, zelfs als ik maar een enkeling tref die me bekend is onder al het verzamelde volk. Voorafgaand aan het programma konden we een eenvoudig vegetarisch menuutje bestellen voor een proletarische prijs – waar vind je dat verder nog op het Java-eiland.
Het was druk en de kleine ploeg achter de balie en in de keuken had besloten zich niet te laten opjagen, dus geduld was geboden. Niet erg hoor, je strijkt maar neer aan een tafeltje waar nog 'n stoel vrij is of je sleept gewoon een stoel aan.
Tijdens het wachten raakte ik in gesprek met een mevrouw van mijn eigen jaargang (zo schatte ik in). We stelden vast dat de sfeer, ondanks de drukte en het wachten, gemoedelijk en ontspannen was. Amsterdam zoals ik het 't liefst ervaar: ''Aan het IJ en in Noord is het veel minder stressen dan in het centrum, dat merk ik eigenlijk al op het pontje naar de Buiksloterweg,'' zei ik. ''Het is wel zo dat iedereen aan de steiger er het eerst op en weer af wil, maar je hoort toch zelden een onvertogen woord.''
"Nou, reageert een tafelgenote, dat overkomt mij toch wel een enkele keer. Maar misschien ligt dat ook wel aan mij hoor. Ik wil nogal eens graag corrigeren en dat valt steevast verkeerd. Zo stonden we tijdens de spits op de volle pont opeengedrongen in de koude wind en motregen, toen een man naast me een zware shag ging draaien, al gauw woeien dikke rookwolken rond mijn hoofd. Ik ben astmatisch en kreeg het er benauwd van dus vroeg ik hem of hij wilde wachten met roken – de pont is immers ook openbaar vervoer. Kreeg ik me een pak verwensingen! Hij stond buiten en maakte zelf wel uit of hij zou roken of niet – en ik moest maar eens naar een psychiater want het was duidelijk dat ik 'niet spoorde'."
"Een andere vrouw op de pont bemoeide zich ermee en zei dat roken op het achterdek wel is toegestaan hoor! Maar wat is op een pont nou het voordek en wat het achterdek? Het is maar welke kant hij opvaart en als het hard waait is de wind toch altijd sneller dan de pont.''
Zoals zij het me vertelde was het een levensecht verhaal. En ik kon me wel inleven, want ook ik kan slecht tegen de walm van Javaanse Jongens.
Een poos geleden zat ik in een late trein uit Lelystad over Weesp naar CS. Staat bekend als risico-traject bij de NS-ers. Een drietal opgefokte tieners zat onophoudelijk te gillen en krijsen. De andere passagiers zaten als bange vogeltjes stilletjes in hun eigen 'bubble', hopend spoedig op hun bestemming te kunnen uitstappen. Ik voelde me verontwaardigd dat minstens een dozijn rustige reizigers geterroriseerd werden door de 'lol' van een drietal dat meende alleen op de wereld te zijn. Stapte er op af, sprak ze met zelfverkozen gezag aan dat het plezier van een enkeling nooit ten koste van de rust van de meerderheid mag gaan. Als zij meenden van wel, of ze me dat even konden uitleggen, zodat ik het ook snapte. Het was verder rustig tot CS, zonder dat iemand het zei, zag ik aan de gezichten om me heen dat ze blij waren dat er iemand zijn nek had uitgestoken.
Na het festijn fietste ik over de Piet Heinkade en De Ruyterkade naar de Buiksloterwegpont. Het was inmiddels laat, al kort voor middernacht. Voor de aanlegplaats stond een 45 km voertuig, ik noem die dingen altijd 'gehandicapten autootjes', maar vermoedelijk zijn de laatste ontwikkelingen mij ontgaan want de dochters van mijn buurman rijden ook zo'n ding en zijn allerminst gehandicapt.
Een groep wachtende fietsers stond op enige afstand bij elkaar – ik begreep waarom, want de knalrode Canta vibreerde krachtig door het volume van de rapper op de geluidsboxen in de deuren. In de abri voelde ik het gewapende glas zelfs meetrillen met de dreunende bassen en drums.
Daar kwam de pont. De fietsers en een enkele voetganger gingen er op terwijl de laatste afkomende fietsers over de klep reden. De 45 km reed daardoor pas achter de fietsers op, zoals het hoort. Maar eenmaal aan boord gaf hij een flinke stoot gas en drong zich naar voren tussen die fietsers. Toen hij de motor afzette viel het volume terug, maar zodra de pont wegvoer ging het geluid weer op tien.
De Canta, schuin achter me penetreerde mijn gedachtenwereld en ook die van de mensen om me heen. De overtocht duurt maar 2 ½ minuut, maar dat kan heel lang zijn. Ik opende mijn linkerhand en met de zijkant ervan klopte ik op de voorruit en maakte een gebaar 'of het wat zachter kon'. Met een klap opende het schuifraampje waaruit een woedend hoofd gestoken werd om de kolerelijer (ik) een stortvloed van bedreigingen toe te schreeuwen, Ik deinsde terug en slikte mijn voorgenomen opvoedende woorden maar in onder de woordenvloed die over mij heenkwam waarbij me minstens tien keer de kanker werd toegewenst. Het beste leek me: gewoon laten uitrazen maar blijf hem wel aankijken. In het nachtelijk duister kon ik de pupillen in zijn donkere ogen niet zien, in een flits kwamen de opgefokte Feijenoord 'supporters' mij voor de geest, die ontevredenen die weigerden nog een weekje te wachten op hun kampioensfeest.
Nog voor de pont zijn klep liet zakken, startte de Canta, de fietsers hadden allemaal haast om weg te komen, ook ik deed mijn best om snel de veilige wal te betreden. Opeens schoot me het stuur uit de handen, ik deed een stap naar voren om er de greep weer op te krijgen, maar kreeg toen mijn eigen pedaal in de knieholte: ik werd met de voorbumper tegen mijn achterwiel aangereden! Vlug de pont af richting fietspad omringd door de andere fietsers. De Canta raasde langs mij heen, stopte bij de bushalte, bestuurder springt eruit, rent naar mij toe en grijpt me bij de arm. Opnieuw de 'kanker-kanonade', het werd echt dreigend, maar twee mannen en een vrouw bleven om mij heen staan, dat was blijkbaar genoeg om de handtastelijkheid af te breken.
''Wacht maar, aan het eind van het fietspad wacht ik je op en grijp ik je, en dan ram ik je in elkaar!'' en hij rende terug naar zijn ''Ferrari'' (dat stond in witte letters op de kap zag ik eerder toen ik omkeek).
''We fietsen wel met je mee'', zeiden de anderen, ''dan koelt hij wel af''.
Er is nog solidariteit in Amsterdam, dacht ik opgelucht – maar er moet voorlopig even niemand aan mijn kop zeuren dat-ie structureel gediscrimineerd wordt.
zestien reacties op "Agressie op het pontje"
Probeer dat eens voor de aardigheid. Oom agent staat dan met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid op de aanlegsteiger op je te wachten omdat je buitenproportioneel geweld hebt gebruikt... dan wel.
Ik ben trouwens benieuwd of je aangifte gedaan hebt en zo ja: wat daarmee vervolgens gebeurt of misschien al gebeurd is.
Wat mij wel dwarszit: ik heb vele bekenden in de artistieke wereld met Noord-Afrikaanse en Midden-Oosterse roots. Over het algemeen fijne, empathische mensen. Die hebben mijn houding tot voor kort bepaald: niet bevooroordeeld. Veel van die mensen vertonen meer respect voor ouderen dan de gemiddelde Nederlander. Dat gaf mij met m'n witte kuif tot nu toe genoeg zelfvertrouwen. Alleen rotte appels brengen mij soms aan het twijfelen: wat bezielt de lui die zo makkelijk totaal door het lint gaan?
@Suffie
Afgezien van de vraag of aangifte zinnig of nutteloos is, staat er genoeg in het verhaal van John om "meneer" de Canta-rijder eens een goed gesprek met een rechter te laten voeren. Lullig dat je dat zelf niet kan/wil zien.
Je bedoelt de juridische gronden op basis waarvan aangifte zou kunnen worden gedaan en waarop "meneer" vervolgd zou kunnen worden? Bedreiging en geweld had Arnoud al genoemd, maar belediging en vernieling/vandalisme lijken me ook goed mogelijk. Er zit door de aanrijding vast wel een krasje of deukje op het achterspatbord van Johns fiets.
Een bijeffect van onze houding ten opzichte van de vrijheid van meningsuiting is dat je het verbaal tegenwoordig wel heel bont moet maken om nog iets van straf te riskeren. Ik heb al horen roepen dat een bedreiging als 'ik trek je kop eraf' geen strafbare bedreiging is omdat dit een beeldspraak is voor een fysiek en medisch vrijwel onmogelijke handeling. Dreigen om iemand 'in elkaar te slaan' is ook al zo'n randgeval omdat bedreiging met wat met 'eenvoudige mishandeling' noemt niet strafbaar is. Het gaat dus vooral om wat er nog méér gezegd zou kunnen zijn. Kijkend naar de gebruikte verwensingen zou er misschien nog een klacht voor eenvoudige belediging inzitten, maar die zullen vermoedelijk niet tot grootscheepse zoekacties naar de betreffende Ferrari leiden. Bovendien zijn de straffen voor dit soort vergrijpen zo marginaal dat je je inderdaad moet afvragen of het sop de kool wel waard is.
Persoonlijk vind ik het ergerlijk, maar de juridische aanpak is nu eenmaal hetzelfde, of je nu een populistische politicus, een Geenstijl journalist of een pindabrein met een Canta bent. Ik veer wel een beetje op bij de suggestie om hem met Canta en al van het pontje te duwen, maar los van mijn onvoorwaardelijke sympathie schiet John daar ook niet echt mee op...